stamboom LAMPE

 

 

 

WAAR ZIJ IN AMSTERDAM WOONDEN

1. ADRESSEN

1.1 Woonadressen in de Jordaan
De adressen die bij de voorouders van Herman Lampe en Frederika Willemina van der Vliet in de akten genoemd worden zijn voor het merendeel in de Jordaan te vinden:

't Franse pad: Dirk de Vrij 1716
(Fransepad heette later: Goudbloemsgracht en eenmaal gedempt in 1854: Willemstraat)
Anjeliersgracht (nu Westerstraat): Magdeleentje Croon en haar moeder Catrina de Vos, 1656; Anna Mos & Jan Kelder (aangetrouwde fam. De Groot, 1802, aan de Hoogenboomgang naast een scheepsbeschuitbakkerij))
Bloemstraat:  Joh de Vrij
Rozendwarsstraat: Catherina Muller
Rozengracht: Harmen de Vrij, Claas Munter 1739
Westermarkt: Jacomijntje de Lange 1689
Looiersgracht: Aris Munter & Johanna Smit 1739
Looierstraat: Gerrit Smit 1714
Elandstraat: Claes Munter & Angenietje Tijlardt 1713
Bloemstraat: Aris Munter 1713
Brouwerstraat: Jan v Tinteren 1736
Baangracht (=Lijnbaansgracht): Cornelis de Vrij
Lindestraat:  Anna vd Schildt
Palmgracht:  Harmen Lampe, 1781
Laurierstraat: Maria Johanna Lubeek, 1781
Tuinstraat: Jan van der Schildt, 1723
Noordermarkt: Johannes van der Schildt, 1747
Boomstraat: Barta Sam, 1747

1.2 Elders in Amsterdam
Vinkenstraat:  Catherina van Tinteren
Zeedijk: schoenmaker Hendrik van Tinteren
Leidseplein: Catharina van Tinteren, 1796
Leidsestraat: George Taylor, 1673
Smallenpad: bij de Sloterdijkstraat: Jan Hendrik Roosenveldt, 1796 (Haarlemmerplein)
Langestraat: Hendrik van Tinteren, 1766
Nieuwedijk: Dorethé Lamfermans, 1736

 

2. DE JORDAAN

De opbouw

Het relatief tolerante Amsterdam heeft vanaf de Middeleeuwen een enorme aantrekkingskracht op vreemdelingen. Rond 1600 barst Amsterdam uit haar voegen, meer dan veertienduizend mensen kloppen jaarlijks aan bij de stadspoorten. Binnen één eeuw nam de Amsterdamse bevolking toe van 50.000 tot 220.000 inwoners. De stadsregering had in die drukke bouwperiode vooral behoefte aan grondarbeiders, sjouwers, heiers, metselaars en timmerlieden en verlaagde daarom het poortersgeld.
De rijke kooplieden uit Spanje en Antwerpen konden zich 'inkopen' in de binnenstad, maar de arme nieuwkomers moesten een onderkomen zoeken in tijdelijke en illegale bouwsels buiten de stadsmuur. Daar worden ze voortdurend opgejaagd door soldaten, omdat de bouwsels gevaarlijk waren voor de stad. Deze kunnen immers bij een belegering gebruikt worden als beschutting.

Ondertussen woonde in de oude stadskern de kooplieden en ambachtslieden steeds verder opeengepakt. Daarom besloot de stadsregering in 1609 tot uitbreiding van de stad. De kooplieden, die hun rijkdom vergaard hadden met overzeese handel, zagen het liefst vaarwater voor de deur van hun toekomstige woonhuizen. Daarom werden er om de stadskern, de nu wereldberoemde, grachtengordel aangelegd. De arbeiders welke op deze grond hun bouwsels hadden staan, werden verjaagd naar een stuk eiland ten westen van de grachtengordel. Daar had het bestuur voor hun een nieuw woongebied gepland, dat werd aangeduid als het 'Nieuwe Werck'.


Goudsbloemstraat

Voor de luxe grachtengordel werd voor veel geld grond onteigend en aangekocht, en werden brede grachten gegraven en grote herenhuizen gebouwd. In het Nieuwe Werk, later bekend als 'de Jordaan', ging men minder voortvarend te werk. De smalle grachten en straten werden aangelegd op basis van de bestaande sloten en paden. Hierdoor ontstond een stratenpatroon welke niet aansloot op het patroon van de grachtengordel.

Om de Jordaan heen werd de nieuwe verdedigingswal aangelegd met daaromheen de 'Singelgracht' Om de honderd meter werd de muur onderbroken door een vijfhoekig bastion met kanonnen. Op de bastions kwamen 26 windmolens. De flauwe boog die de Marnixstraat nu maakt, herinnert nu nog aan die vestigingswal. Om de Jordaan heen kwam de nieuwe stadswal te liggen, ter bescherming tegen een belegering.

De Jordaan was niet vanaf het begin af aan direct volgebouwd. Huizen worden afgewisseld door moestuinen en boomgaarden. Hierdoor krijgt de buurt een landelijk karakter.
De meeste straten lopen van oost naar west en worden door de handswerklieden bebouwd met kleine bedrijfsgebouwen en woonhuizen. Hier vestigen zich de bedrijfjes welke in de grachtengordel niet worden toegestaan.


De Jordaan in 1700

De wijk wordt ingedeeld in straten voor textielmensen, pottenbakkers en leerbewerkers. Rond de Raamstraat en Bloemstraat zaten de wevers en ververs, welke hun geverfde wollen lappen op een raamwerk spande en buiten de stadsmuur te drogen legden. Daarvoor was één poort in de stadsmuur beschikbaar, waar de Raampoort nu nog zijn naam aan dankt. De leerhandel vestigde zich rond de Elands- en Looiersgracht en de pottenbakkers rond de Anjeliersgracht (nu Westerstraat) en Tichelstraat.           


't Franse Pad  

              

De Willemsstraat heette voorheen de Goudsbloemgracht. Deze werd in 1854 gedempt. Het was eerder een brede sloot dan een gracht, met zeer slechte beschoeiing. De gracht werd ook wel Fransche- of oude Fransche Pad genoemd en wel  naar Frans Dirksz. Ouwe Frans. Deze leefde rond 1600, was "sleeper" en  rijtuigverhuurder en had in deze omgeving land waarin hij zijn paarden liet grazen. De bebouwing aan de gracht was zeer slecht en armelijk; ook de bewoners behoorden tot de geringere stand. Dit blijkt o.m. uit het gedicht "de slechte tijd" van Jan de Regt (1715).

In dit ironische en groteske vers lezen we o.a.:
"Dus waar men't onderzocht, in huis of op de straat,
Men schijnt geen blijken van een slechten tijd tijd te vinden,
Zelfs niet, op 't Fransse pad, bij kreupelen en blinden
En bedelbrokken, die, bij 't veegen van een glas
Vol driedraad, en de klank der zwaar verkouden bas,
En schoore vedel, al den nachtzich vrolijk maken,
Met stelt en krukke dans, dat vloeren wanden kraakten
."


Goudsbloemgracht
huidige Willemsstraat

In het midden der vorige eeuw toen de gracht gedempt was, werden vele krotten gesloopt. Toch bleven er nog tal van huizen staan en dikwijls juist in de overgebleven gangen. Het moet daar meer dan erbarmelijk geweest zijn en er hebben ten hemelschreiende toestanden bestaan. Eén der mensen-pakhuizen droeg de niet originele naam van "Fort van Sjaco". Het wemelde er van ongedierte, dat zelfs over de tafel liep waaraan de mensen zaten te eten.

(Uit ons Amsterdam van 10 october 1954 blz.154).



Anjeliersgracht (nu Westerstraat)

Goudsbloemgracht (nu Willemsstraat)

Willemsstraat

 

Plattegrond van de Jordaan:

 

 

 

 

 

Anjeliersgracht/
Anjeliersstraat

Tuinstraat

 

Egelantiersgracht

 

Rozengracht

 

 

Lauriersgracht

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Westerkerk
(Westermarkt)
anno 1631

 

Looiersgracht;


 

 

 

         

Interessante internetinformatie:

HOME